De traditionele ganzenexcursie

brandganzen
Op een prachtige zaterdag eind januari gingen we op ganzenexcursie o.l.v. leden van de vogelwerkgroep van de Natuurvereniging Ridderkerk. Hoe de connecties met de weergoden met de Natuurvereniging zijn weet ik niet , maar ze moeten omgekocht zijn, want het was stralend weer en een zachte temperatuur. Zo'n dag is bij voorbaat al geslaagd. Al te voren thuis zag ik dagelijks ganzen overvliegen. Ze gaan vanaf hun slaapplaats (vaak op water zoals plassen uit veiligheidsoverwegingen) naar weilanden om te fourageren en omgekeerd.

We zagen die dag duizenden kolganzen op een weiland. Deze zijn te herkennen aan de witte vlek (kol) aan het voorhoofd, juist boven de snavel. Ze broeden in het noorden en overwinteren zuidelijker tot Turkije aan toe. Toch overwintert in Nederland ongeveer de helft van de totale Europese ganzenbevolking. Ze vinden hier mals vochtig grasland, waar ze erg veel van moeten eten. Hoe meer eiwit er in het gras zit des te beter het wordt verteerd. Ze weten precies die grassoorten te vinden die op dat moment de meeste eiwitten bevatten. Bemeste stukken land hebben duidelijk de voorkeur. Drie of vier ganzen eten evenveel als een koe. Geen wonder dus dat de boeren niet erg blij zijn met hun bezoek. De boeren willen vroeg in het voorjaar maaien en de ganzen willen tot laat in het voorjaar vreten. Om overlast van overwinterende ganzen te beperken zijn speciale ganzengebieden ingesteld. De boeren krijgen hier voor een schadeloosstelling. Daar buiten mag met een ontheffing van de provincie worden gejaagd om overlast te bestrijden. Bijzonder is dat de afgelopen tien jaar steeds meer ganzen hier het hele jaar blijven en hier ook hun jongen krijgen.

We zagen ook nog rotganzen, die zich voeden met zeegras en wieren. Ze zijn voornamelijk aan de kust te vinden. Ze danken hun naam aan hun roep, die klinkt ongeveer als rrot-r-rot-r-rot enz. Het zijn niet al grote grijs-zwarte dieren met een wit half-halsboordje op een zwarte hals.

En natuurlijk zagen we ook brandganzen, die ook graag aan de kust overwinteren, omdat ze bij voorkeur in riviermondingen, slikken , wadden en zoutwatermoerassen fourageren. Ze eten ook zaden van biezen. De brandgans die hier overwintert, broedt bij voorkeur in Noord Rusland. Ze vliegen in meer rommelige formaties dan kolganzen, die in een mooie V-vorm vliegen. Ze zijn te herkenen aan een wit gezicht en zwarte grijze strepen op de rug en zwarte hals en een witte buik. Het is naar mijn mening onze mooiste ganzensoort.

Deskundige vogelaars wezen mij deze dag nog op bijzonderheden als de roodhalsgans en de dwerggans. Deze laatste had ik er zelf nooit tussen uitgepikt.

Wie ook eens een dag op stap wil onderleiding van leden van de vogelwerkgroep heeft de laatste zaterdag van januari een uitgelezen kans want dan gaan we weer op onze jaarlijkse ganzenexcursie.

Vorige pagina