Snerpendezagen in het groen
door Aart van Dragt
Groenstrook
Een hoog gillend geluid snijdt door de nevels. Het geluid wordt nog eens drievoudig weerkaatst
door de omliggende huizenblokken.
Als de bladeren vallen hebben de groenwerkers de schoffel en de grasmaaiers opgeborgen en
halen de kettingzagen tevoorschijn. Dan is de tijd aangebroken om het grote onderhoud in parken
en groenstroken aan te pakken. Alle takken van bomen en struiken die straks beladen met bladeren
al buigend de wandelaar en fietser zouden kunnen omhelzen worden verwijderd. Maar ook midden
in de groenstrook wordt hard gewerkt. Met een gillend geluid worden de takken van hazelaar en vlier
doorsneden. Straks komt de snippermachine die de berg takken met veel herrie tot snippers vermaalt.
Die snippers blijven liggen en zullen langzaam vergaan. Door hun plaatselijk verstorende en verrijkende
werking zullen hier straks soorten die onder deze omstandigheden gedijen als brandnetel en kleefkruid
kunnen gaan woekeren.
Egel
Waarom wordt er toch zoveel gesnoeid vraagt u zich misschien af?
Ten eerste is er bij de aanleg zo dicht op elkaar geplant dat de struiken en bomen
zich nu verdringen, maar ook niet onbelangrijk is het gevoel van veiligheid. In de dichte
begroeiing zou een onguur individu zich schuil kunnen houden. Wie nu rond kijkt op plaatsen
waar de groenwerkers bezig zijn geweest zal kunnen beamen dat hier het hijgende hert geen kans
heeft om aan de jacht te ontkomen. Er is geen enkele schuilplaats meer, je kijkt dwars door het
groen heen. Vogels die graag in een dicht vogelbosje een schuilplaats zoeken om te nestelen moeten
straks elders hun heil zoeken.
Hier en daar worden de takken niet versnipd maar tot takkenwallen om gevormd. Dit bevordert de fauna;
een egel vindt er een schuilplaats, het citroenvlindertje kan er overwinteren om bij de eerste lentezon
tevoorschijn te komen en het winterkoninkje kan er straks zijn nestje maken. Aan langzame verteringsproces
van de takken werkt straks een heel leger van knagers en schimmels die ook weer voedsel voor andere levensvormen
vormen.
Hoort u weer snerpende zagen en ziet u tot uw verdriet zo'n kaal plantsoen, bedenk dan
dat het komende voorjaar de struiken razend snel het verloren terrein terug winnen.
De vlier en hazelaars maken in een jaar tijds meterslange takken. Al in de zomer is van de
kaalslag niets meer te bespeuren zodat als de nieuwe winter komt de groenwerkers hun lawaaiige
machines weer te voorschijn kunnen halen. De snerpende zagen mogen denken dat ze de slag hebben
gewonnen maar de natuur overwinnen ze nooit!
Vorige pagina