De Eilandspolder.

R.Horvath.


Ongeveer tussen de Zaanstreek en Alkmaar liggen de droogmakerijen Wormer, Purmer en Beemster. Daartussenin ligt grenzend aan de Beemster wat men noemt: het Schermereiland.

Ooit in een ver verleden waren de genoemde droogmakerijen riviertjes die in de (voormalige) Zuiderzee uitmondden. Door menselijk toedoen werden dit grote meren en die werden uiteindelijk enkele eeuwen geleden drooggelegd. Dit gebeurde in die tijd door er een dijk omheen te leggen en een ringvaart omheen te graven. Daarna werd het meer leeggemalen door middel van windwatermolens.


Het Schermereiland bleef na het droogleggen van de meren als zodanig bestaan en is historisch gezien een zeer interessant gebied geweest. Vandaar af voer men ter haringvangst naar de Zuiderzee en later heeft het gebied zelfs een rol gespeeld bij de walvisvangst en verwerking. De omliggende dorpen waren in die tijd zeer welvarend en gelukkig is er veel bewaard gebleven van de glorierijke tijd van vroeger.

Toen eerst de haringvangst en later ook de walvisindustrie verloren ging, was de Eilandspolder alleen nog geschikt als veenweidegebied voor de boeren. Het gebied is echter zo waterrijk en nat dat moderne veehouderij er (gelukkig) niet mogelijk is en dus werd na de jaren 50 de veehouderij er onrendabel. Men heeft er toen de bestemming natuurgebied gegeven. Beherende instanties zijn: Staatsbosbeheer en Noord-Hollands Landschap.


Ik vermeldde al dat er in de omgeving veel cultuurhistorische dingen bewaard zijn gebleven. Ook is er in de directe omgeving geen moderne hoogbouw te vinden en met een beetje fantasie waan je je er nog in de tijd van eeuwen her. Je moet dan wel het moderne verkeer wegdenken maar gelukkig is het er ook nog betrekkelijk rustig. De weidevogelstand is in de Eilandspolder nog aardig hoog! Je ziet en hoort er in het broedseizoen nog opvallend veel kieviten, grutto's en tureluurs. Ook de veldleeuwerik is er nog geen zeldzaamheid. Verder broeden er redelijke aantallen scholeksters en een flink aantal bergeenden. Er nestelen ook enkele paren Bruine kiekendieven. Af en toe komen er lepelaars voedsel zoeken en altijd zijn er wel kluten in het gebied aanwezig. Hier en daar broeden er nog flink wat huiszwaluwen onder de overstekken van de oudere huizen in de polder. Het is er wat vogels betreft dus puur genieten en ook na de broedtijd is er veel te beleven.


Gelukkig is het weidegebied over het algemeen niet toegankelijk via het land.
Je mag er wel doorheen varen en er is heel veel water dus kun je al varend de hele polder bekijken. Ook zijn er enkele observatieplaatsen en wandelgebieden vanaf het land bereikbaar. Het verbaast mij eigenlijk dat je er met een brandstofmotor mag varen, maar ook ik maak daar gebruik van. Ik heb echter ook een elektromotor en je kunt natuurlijk ook roeien en kanoën.

Het water is er niet diep, dat varieert van 20 cm tot hooguit 1,50 meter en… het is meestal zeer troebel! Troebel wil lang niet altijd zeggen en zeker niet in dit geval ongezond! Voedselrijk water bevat veel zwevende delen en dat maakt het water dik! (soort vakterm) Het is er visrijk.

De meest voorkomende soort is de kolblei, ook wel bliek genoemd. Het is een soort die een goede waterkwaliteit aangeeft. Deze brasemachtige vis wordt hooguit 40 cm lang en is voor de liefhebber een heel leuk sportvisje. Daarnaast is er een hoge karperstand en wel van het type boerenkarper. Dit type karper is geheel geschubd en langwerpig van vorm, dus niet hoogruggig. Ze worden niet zo groot als de meeste andere karpertypen maar toch zitten er hier bullebakken bij van meer dan 80 cm lang.

Als deze vissen gaan paaien heb je een prachtig tafereel! Het water kolkt en bruist en niet zelden komen de vissen bijna voor de helft boven het water uit! Snoekbaars is er de belangrijkste roofvissoort, maar ook baars en snoek kom je er tegen. Verder is er een goed bestand aan rietvoorn en blankvoorn komt er natuurlijk ook voor. Rietvoorn in troebel water? Ja ik zei al dat troebel water niet verkeerd hoeft te zijn! Veel water was vroeger zelfs van nature troebel al naar gelang de omstandigheden.

Hierbij toch even wat nadere informatie:
Vroeger (en helaas te vaak soms nu ook nog) kreeg met name een hoge brasemstand de schuld van vuil en troebel water. In dat door menselijk toedoen vuile (en voedselrijke) water konden echter nog wel brasem en snoekbaars blijven leven maar andere soorten bijna niet en dus was de concurrentiepositie voor deze soorten optimaal zolang een bepaalde grens niet overschreden werd. Brasem is echter een vissoort die van nature in de laagland gebieden in grote aantallen thuis hoort. Daarom heeft men ook destijds het stroomgebied van de benedenrivieren en bijbehorende estuarium de brasemzone genoemd. Het is daar van nature voedselrijk en vaak troebel maar gezond. In dat gezonde water vind je mooie brasems in wat mindere aantallen. Deze brasems kunnen een lengte bereiken van ruim 60 cm. Viulwaterbrasems ogen ongezond, zijn slap en halen zelden een lengte die de 40 cm overschrijd.


Tenslotte: In dit land van leegwater zoals dit vaak genoemd wordt hebben wij (mijn vrouw en ik) ons tweede verblijfsgebied gevonden, je kunt er heerlijk struinen, fietsen, vissen en van de natuur genieten. Het is er nog betrekkelijk rustig en cultuurhistorisch is het een geweldig mooi gebied.

Bedreigingen liggen echter op de loer!
De vaarrecreatie moet er niet te veel toenemen, er zijn altijd enkele horken die er zo nodig snel moeten varen en met veel lawaai. De maximum snelheid bedraagt er echter 6 km. Ik heb wel het idee dat de controle wat intensiever is geworden. Zwerfvuil zie je er gelukkig nog niet zo veel.

Het toerisme is er nog eenvoudig gehouden en dat moet zo blijven! Projectontwikkelaars liggen er stellig op de loer maar krijgen er vooralsnog gelukkig de kans niet. Ik zie het al op grote borden staan: Vrij wonen in de natuur van waterland brr!! Weg landschap.!!

Vorige pagina