De reuzen van het Donckse Bos
door Aart van Dragt
Hoe hard groeien ze ?
Het "Engelse"landschapspark' bij Huys ten Donck, dat we kortweg 'Het Donckse Bos' noemen, werd in gedeelten aangelegd tussen 1760 en 1800. In de twintiger en dertiger jaren van de vorige eeuw vond een ingrijpende renovatie plaats onder leiding van tuinarchitect leonard Springer. Het is een van de oudste voorbeelden van een dergelijk park in Nederland. De meeste bomen dateren van na de eerste aanleg. Maar er staan tal prachtig uitgegroeide exemplaren met een zeer respectabele ouderdom. Bomen waarvan ik elk seizoen weer van loop te genieten.

Enkele van deze monumentale bomen wil ik aan u voorstellen. Langs het grasveld achter het huis staan twee enorme beuken met een omvang van respectievelijk 4,85 en 5,30 meter. Gewone beuken worden zelden ouder dan 200 jaar. Deze zijn dan ook matig vitaal. Bij de vierkante 'formele tuin' staat een indrukwekkende Oosterse plataan, herkenbaar aan de afschilderde schors en de zaadbolletjes in de takken. Een bijzonderheid is dat twee takken in een forse driehoek zijn samen gegroeid. Na een stukje samen te zijn gegaan, ging iedere tak weer zijn eigen weg. Oorzaak: Ooit schuurden ze als twee jonge takjes tegen elkaar. De omvang van deze boom is 4,70 meter. De leeftijd wordt op ruim 200 jaar geschat. Omdat een Oosterse plataan vorstgevoelig is komt hij in Nederland zelden voor.
In het als eerste aangelegde 'Engelse werk' (in de hoek Beneden Rijweg en zijde Slikkerveer) staan twee monumentale rode beuken. Hun stamomtrek is 4,75 resp. 4,30 m. De rode beuken zijn kolossen van circa 40 meter hoog en steken vanaf Slikkerveer gezien boven de overige boomkruinen uit. In februari bloeien hier duizenden winteraconieten en sneeuwklokjes.
Nabij die beuken staan enkele Ginkgo 's met een omtrek van 3 meter. Volgens publicaties geeft het vrouwelijke exemplaar vruchtbare zaden. In 1935 zou er van deze boom een ént genomen zijn zodat ze gelijktijdig met een mannelijke boom in de Utrechtse universiteitstuin zou bloeien. Na dertig jaar zou die (ent) een keer enkele bevruchte zaden geproduceerd hebben, waarna ze is afgestorven. En de vruchten hebben ook geen bomen opgeleverd. In de zelfde omgeving staan een meerstammige taxus met een omvang van 2,50 m en een hoge tulpenboom die een omtrek van 2,75 m heeft.

Bosweide met oude eiken en het huis op de achtergrond
Op de bosweide staan een tiental zomereiken waarvan de omtrek tussen de 4 en 5 meter is. Deze bomen vormen het centrum van de reigerkolonie. De bomen ondervinden er geen hinder van. Voordat de reiger, na een zeer strenge winter, in 1963 beschermd werd, werd hun aantallen beperkt. Daarna groeide kolonie snel. Het aantal reigernesten schommelt sinds 1987 tussen de 115 en 120 nesten. Alleen heeft er de laatste tien jaar een grotere verspreiding over de rest van het park plaats gevonden. De reigers vliegen opzoeken naar voedsel naar Kinderdijk en de Krimpernerwaard. Ter plekke staat ook nog een hoge es die een omvang van ca. 4 meter heeft en een beuk met een geribbelde, bijna eikachtige schors. Dit laatste is een bijzonderheid die zelden wordt gezien. Zo komt u aan een wandelkaart voor het Donckse Bos