Grazen op de prairi
door Rina van Oostveen
Koniks
Eerlijk, heerlijk en zeer gezond. Het begin van mijn grazen in de prairie was een boekje dat ik lang geleden van iemand kreeg. Het heet “100 geneeskruiden”door Mellie Uyldert. Een fleurboek, uitgave Amsterdam Boek. Ik raadpleeg het nog steeds regelmatig. De term “geneeskruiden” klopt wel, maar je kunt de genoemde kruiden ook best als groenten beschouwen en gebruiken. Een mooi voorbeeld is zevenblad. Voor de tuinier betekent zevenblad vaak een onuitroeibare plaag, maar het is niettemin heel gezond en bovendien zeer smakelijk, vooral als je de heel jonge, malse blaadjes gebruikt. Zevenblad werkt ontzurend op het bloed wanneer men het dagelijks rauw eet, bijvoorbeeld als sla of gesnipperd op de boterham. De oorzaak van bloedverzuring ligt in een slechte voeding die teveel dierlijke eiwitten en te weinig groenten bevat. Dat is voor veel mensen een actueel probleem! Met zevenblad voorkom je jicht en reuma-achtige kwalen. Behalve zevenblad is ook het madeliefje zeer bekend. De bloempjes reinigen de luchtwegen en zijn tevens een middel tegen leverontsteking. Ook doen ze wonden genezen. Smalle weegbree, eveneens zeer bekend. Wie een ongelukje mocht krijgen heeft een wondgenezend middel meteen bij de hand: men legge een weegbreeblad, wat gekneusd, op de wond. Als voedsel genomen geven deze planten ons energie, spierkracht, ondernemingslust en werkkracht. Het paard dat mij afwierp, liep waarschijnlijk in een prairie vol smalle weegbree. Er zijn nog veel meer smakelijke en gezonde planten te vinden in de prairie, bijvoorbeeld de brandnetel, maar brandnetelsoep is bekend genoeg, dus daar hoef ik niet over uit te weiden. Daarover hoef ik niet uit te prairien, bedoel ik.
