Een ode aan de ijsvogel.

door Peter de Barse

Terug naar een mooie warme avond. Dat mag wel zo in de wintermaanden.
Ik ga alleen wat verder terug in de tijd, het was 29 juni 1993 en ik maakte mijn vaste wandeling in de gorzen (de grienden). In mijn vogeldagboek staat het volgende geschreven: " IJsvogel, om 22.15 uur zittend op een wilgentak en daarna wegvliegend waarbij de glanzende fel blauwe rug magnifiek te zien is. Mooi contrast met roodbruine borst. Een grote wens is in vervulling gegaan en dat nog wel in `mijnī eigen Gorzen. Dat maakt het extra leuk!".

IJsvogel
foto D. v.d. Spoel: ijsvogel vrouw

Het was mijn eerste waarneming van deze schitterende vogel, terwijl ik toen al een jaar of drie de smaak van het vogelen te pakken had. Ik zie deze eerste ontmoeting weer helemaal voor me en zoals het bij een eerste waarneming wel vaker gaat, volgden er daarna gelukkig veel meer. Zoals tijdens strenge vorst toen een tweetal ijsvogels in de jachthaven vanaf de masten in wakken doken om de broodnodige visjes te bemachtigen. Of op de Schorren op Texel waar vanaf wat takjes in de Waddenzee gevist werd. Dit is de laatste plek waar je dit juweel zou verwachten. Tijdens een beverobservatie in de Biesbosch, waar een ijsvogel luid roepend aan kwam vliegen en vlak voor mijn neus op een tak ging zitten. Het is zo schitterend om mee te maken, elke keer weer!

Kuifeend
foto D. v.d. Spoel: IJsvogel
De laatste strenge winter dateert uit 1996/97. Na afloop waren er in heel Nederland maar enkele tientallen over. Nadien heeft de stand zich langzaam herstelt. Ook de afgelopen winter heeft veel slachtoffers geeist. Omdat vis het menu van de ijsvogel is en als dat in een koude winter niet meer voorhanden is, wordt het bestand gedecimeerd. De Nederlandse naam verwijst naar kou en ijs, want juist dan worden ze vaak gezien bij wakken. Het kan ook zijn dat de naam verwijst naar de gletsjerachtige kleur. In deze koude wintermaanden denk ik vaak aan dat schitterde vogeltje dat het nu zo moeilijk heeft.
Vorige pagina