Boomkruiper of Muurkruiper?

door Aart van Dragt

Een kievit roept kievit, een gans is "dom" en een boomkruiper kruipt op bomen. Je roept maar een naam en we hebben er een "beeld" bij. Maar niet alles is zo eenvoudig. Want wist u dat een woudaapje geen aap maar een vogel is? En die boomkruiper … daarover meer in het volgende verhaal.

Boomkruiper
Boomkruiper
Het is april en mei vorig jaar. Een ongenode gast heeft zich toegang verschaft tot ons huis. Nu is ongenood iets anders als ongewenst. Want we vinden het bijzonder leuk om een familie boom- kruipertjes tijdelijk onderdak te verschaffen. Ze wonen achter het dakbeschot van ons huis. Terwijl ik dit stukje zit te typen komen achter mij zeker 1 keer per 2 minuten pa of ma aanvliegen met een bekje vol voedsel. Soms zit de ene ouder al binnen als de tweede al aanvliegt op de muur landt en hupje omhoog maakt alvorens met enkele stappen ook achter het dakbeschot te verdwijnen. Al die bewegingen spelen zich af op een loodrechte muur. De boomklever klimt even gemakkelijk schuin of recht omhoog. Hierbij gesteund door een kort maar stevig staartje. Soms duurt het vertrek wat langer en dan zie ik het vogeltje vertrekken met in het dunne snaveltje een pakket gehuld in een wit vliesje wat bij de buurman in de tuin gedropt wordt. De pampers zijn weer verschoond, denk ik dan. Het zijn dan ook nette gasten die boomkruipertjes. Ik zie dat de hele muur wordt afgezocht en zelfs onder de dakgoot en achter het dakbeschot wordt gekeken of er zich geen spinnetje, insectenlarve of pop verstopt heeft. Alles wordt opgeruimd. Maar horen boomkruipers niet in het bos te nestelen? Het schijnt dat boomkruipers niet zo kieskeurig zijn. Deze zgn. holenbroeder bouwt ook nesten achter loszittende stukken schors, in verwaarloosde nestkasten en in spleten van bouwwerken. Het gaat de laatste decennia goed met de boomkruipertjes. De klimaatsverandering met nauwelijks winters komen dit kleine vogeltje van slechts 9 gram goed van pas. Door zijn geringe omvang verliest het bij lage temperaturen relatief veel warmte. Bij flinke koude kruipen in de winter soms tientallen van deze vogeltjes 's avonds bij elkaar in een nest om samen warm te blijven. Desondanks overleven velen een strenge winter niet. Ook koele en natte zomers kosten vele jongen het leven. Daarom is het maar goed dat boomkruipertjes wel twee keer per jaar 5 tot 6 eieren kunnen leggen om de verliezen aan te vullen. Het is 31 mei als de jongen uitvliegen. Een tweede legsel zit er niet in. Ik hoop een beetje dat ze dit jaar weer komen want zulke ongenode gasten zijn hier zeker welkom.
Vorige pagina