Vogels van de Carnisse Grienden
door Aad de Boer
Langs de Oude Maas
Onder de rook van Rotterdam (en zo langzamerhand onder de rook van de eigen gemeente Barendrecht die met z'n VINEX-locatie steeds verder oprukt naar "t Griend) ligt een van de laatste zoetwater griendgebieden van Noordwest-Europa. Dat zoete water is afkomstig van de Oude Maas, die nog dagelijks zorgt voor aanvoer van vers water (en dus van voedsel) naar en in het gebied. Het gebied is niet bijzonder groot, slechts enkele hectaren, maar eventueel gekoppeld aan een wandeling door de Rhoonse Grienden die even verderop gelegen zijn, kan een flink aantal uurtjes gewandeld worden.
De winter zorgt voor verrassingen in het gebied. Vorige jaar werd de Visarend gezien en ook de IJsvogel is een regelmatige, zij het niet jaarlijks aangetroffen schoonheid. Daarnaast zijn in sommige winters tientallen Vinken, Kepen en Groenlingen aan te treffen die in groepsverband door het gebied struinen.
Heel aardig is de route door het gebied die langs de Oude Maas loopt. Met name in de winterperiode zijn op de Maas veel vogels te zien. Brilduiker, Grote Zaagbek, Aalscholver, Dodaars zijn geen zeldzaamheid. Kuifeend, Tafeleend, Krakeend, Meerkoet en Wilde Eend verblijven vaak in grote aantallen tussen de pieren die vanuit het Griend en de ernaast gelegen Jan Gerritsenpolder het water in wijzen.
Ook de Wilde Zwaan heeft zich in het gebied laten zien. Op de hoek van het gebied, waar het water van de Oude Maas het haventje van de Koedood inloopt, heb je een prima uitzicht over het water. Met gebruik van de kijker of de telescoop kun je dan tevens genieten van de vaak honderden ganzen die rusten in het gebied aan de overzijde van de Maas (Hoekse Waard zijde).
foto D. v.d. Spoel: Rietzanger
Het grootste aantal vogels is te vinden in en na het broedseizoen. Ca. 45 soorten zijn er vastgesteld, waaronder natuurlijk de gebruikelijke soorten als Zwartkop, Tuinfluiter, Fitis, Tjiftjaf, maar ook Gekraagde Roodstaart (meerdere territoria) Blauwborst, Koekoek en de voor Barendrecht niet algemene Zomertortel. Het gebied levert wat dat betreft aan broedvogels geen echte verrassingen op.
Wat wel een fantastisch gezicht blijft is het opstijgen van de honderden Spreeuwen die het gebied als slaapplaats gebruiken en 's morgens, bij het krieken van de dag, weer het luchtruim kiezen.
Leuke plekken voor interessante waarnemingen zijn de twee plassen die binnen het gebied liggen.
foto D. v.d. Spoel: Kuifeend
De eerste, vlak bij de ingang van de Grienden, valt bij laag water vrijwel droog. Het is dan een prima fourageer- en waadplek voor Kluut, Kleine Plevier (die beiden in de omgeving broeden, Tureluur en Oeverloper. Ook de Lepelaar is al enkele keren gesignaleerd. De Waterral is tweemaal vastgesteld, maar laat helaas de laatste jaren verstek gaan.
Op het water zijn altijd eenden, waaronder Slobeend en Kuifeend te vinden. Ook Futen broeden met meerdere paren in de omgeving en zijn regelmatig op de plas aanwezig.
Buiten de broedtijd is de plas een goed onderkomen voor enkele Wintertalingen. Datzelfde geldt voor de tweede plas. Deze ligt net naast de eerste, maar valt niet echt droog. Vooral in de winter is deze plas interessant, zeker als het goed vriest en ander water bevroren is. Tientallen en soms honderden eenden gebruiken de plas dan als basis.
Vorige pagina