Wintertelling Barendrecht/Albrandswaard 2004

door Sander Elzerman

IJsvogel
Foto D. v.d. Spoel: IJsvogel
De start van de wintertellingen in oktober 2004, betekende ook de aanvang van een lustrumjaar voor wat betreft deze tellingen in Barendrecht en Albrandswaard. Begonnen in de winter van 1995 worden nu voor het 10e seizoen de Carnisse Grienden in Barendrecht en de Portlandpolder in Albrandswaard onderzocht op de aanwezigheid van vogels. Van meer recente datum is de telling van de Oude Maas vanaf Heerjansdam tot even voorbij de Carnisse Grienden. Het tellen gebeurt 1 x per maand gedurende een periode van 6 maanden. In bijna 60 telbeurten zie je natuurlijk veel vogels. Meestal gaat dat om soorten waarvan je tevoren redelijk aan kunt voelen dat je die tegen zult komen. Soms zitten er echter ook verrassingen tussen. Dat maakt het tellen nu juist zo leuk, ook al is het soms behoorlijk slecht weer!!! Vogeltellingen houden tenslotte geen rekening met kou, regen, sneeuw of andere weertypen waarbij de gemiddelde Nederlander liever thuis voor de open haard blijft zitten.

Het telseizoen 2004/2005 is nog niet voorbij maar we kunnen natuurlijk wel iets vertellen over de resultaten van heel 2004. Overigens zijn in de afgelopen 10 jaar in de genoemde gebieden 100 verschillende vogels gezien. Sommige soorten zijn maar éénmaal gezien, zoals de Kemphaan (2002), Zwartkopmeeuw (2000), Kerkuil (1999) en de Barmsijs (1997). Andere komen in groten getale voor, zoals de Spreeuw, Houtduif, Kokmeeuw, Kievit en de Wilde Eend.Deze laatste is in de tellingen wel koploper met over de afgelopen 10 jaar meer dan 7500 exemplaren. Maar ook de Houtduif (5200) en de Kokmeeuw (4000) zijn vermeldenswaardig.

Het voorkomen van bepaalde vogelsoorten heeft natuurlijk alles te maken met de biotoop. De polder is wat dat betreft van geheel andere orde dan de Grienden. In de Grienden vinden we vooral de overwinterende zangvogels (Koolmees, Pimpelmees, Matkop, Groenling, Staartmees, Roodborst, Winterkoning). Daarnaast worden de twee plassen in de Carnisse Grienden meestal "bevolkt" door eend-achtigen, waarbij de hoofdmacht bestaat uit Wilde eenden, maar er zijn ook vrijwel altijd Wintertalingen (max. 75 geteld per keer geteld in 2004) aanwezig. De polder is het gebied van de Fazant, Houtduif, Kokmeeuw, Kauw , Spreeuw en Kievit. Deze laatste is erg gevoelig voor koud weer. Als het gaat vriezen, dan trekt de vogel door naar zuidelijker streken, waar het niet vriest. Zo zaten er tijdens de telling in januari 2004 in het geheel geen Kieviten, maar hadden we er in november bijna 200.

kuifeend
Krooneend
Alle vogels zijn bijzonder, maar sommige zijn toch nét iets meer bijzonder, vaak omdat ze in de genoemde telgebieden, in ieder geval in deze periode van het jaar, meestal niet worden gezien. Welke bijzonderheden hadden we in 2004: Krooneend, Brandgans, Havik, Sperwer, Tjiftjaf en Brilduiker en Kleine Zilverreiger. Voor de volledigheid nog een greep uit alle in 2004 "gespotte" soorten: Wulp, Stormmeeuw, Holenduif, Groene en Grote Bonte Specht, Kramsvogel, Zwarte Kraai, Dodaars, Krakeend, Kuifeend, Buizerd, Witte Kwikstaart en Goudhaan.

Voor de lezer die van cijfertjes houdt hieronder wat statistische gegevens. Deze cijfers zijn overigens gebonden aan de telseizoenen 2003/2004 en 2004/2005. In het seizoen 2003/2004 zijn in totaal 4288 vogels geteld. Met nog twee maanden te gaan in 2005, zitten we nu al op 4200. In 2003/2004 zijn 57 verschillende soorten waargenomen. Datzelfde aantal staat nu op de teller voor 2004/2005. Het aantal vogels dat in totaliteit in de genoemde telgebieden is gezien, bedraagt tot op heden ruim 45000 stuks.

Vorige pagina